Bouwdrift en Lelylijn doen aanslag op ruimte ‘Heb direct oog voor natuur’

HEERENVEEN - De Lelylijn en het bijbehorende Deltaplan voor het Noorden. Iedereen die het afgelopen half jaar de Friese media ook maar met één oog heeft gevolgd, ziet de onderwerpen regelmatig voorbijkomen. 

Het noordelijke bestuur hoopt op een flinke make-over. In een serie artikelen kijkt GrootHeerenveen verder. Naar de achtergronden van de ontwikkelingen en naar de mogelijke impact op de infrastructuur, de natuur, de economie en de woningbouw. In de vijfde en laatste aflevering: de natuur. Een treintracé door beschermd natuurgebied, nieuwbouwwijken op boerenland en zwaarder belaste wegen. Hoe kan het geliefde groen en de kenmerkende rust worden behouden? Wat is de regelgeving, en wie zijn belangrijke spelers voor natuurbescherming bij grote bouwprojecten? Voor dit artikel sprak GrootHeerenveen met natuurbeheerders, beschermers, ecologen en ambtenaren.

Weidse landerijen, plattelandse rust en de kleur groen zover het oog reikt. Voor de doorsnee Fries is de natuur een van de belangrijkste kwaliteiten van de provincie. Met het deltaplan hopen bestuurders Friesland 'economisch vitaal' te houden en toekomstbestendig te maken door nieuwe inwoners aan te trekken. Maar wordt daarbij het behoud van natuurlijk schoon en de dierbare rust gewaarborgd? Ecologisch onderzoeker Eddy Wymenga over grote bouwprojecten: "It belangrykst is dat de natuer betiid in plak krijt yn de ôfwaging."

Het deltaplan omhelst een flinke woningbouwopgave en een geheel nieuwe spoorlijn, allebei bouwdrift die de Friese natuur kan raken. In de eerste plaats door de uitbreidingswijken, bijvoorbeeld ten zuiden van Drachten en westelijk van Heerenveen. Hier moet landbouwgrond plaatsmaken voor nieuwbouw, tussen de zes- en vierduizend woningen respectievelijk. Hoewel er hiermee zeker groen verloren gaat, is de ecologische schade op de uitbreidingslocaties echter beperkt.

De aanleg van de Lelylijn weegt echter vele malen zwaarder voor de natuur. Indien het tracé inderdaad de A7 volgt, raakt het spoor aan de bosgebieden ten noordwesten van Beetsterzwaag. Een veel complexere uitdaging ligt enkele kilometers verderop richting Heerenveen: Van Oordt's Mersken. Dit beschermde natuurgebied, dat aan beide kanten aan de snelweg grenst, is een aangewezen Natura 2000-gebied. Daarmee valt het onder de scherpst mogelijke Europese wet- en regelgeving. Stikstofneerslag moet worden teruggebracht, en de geringste verstoring van flora en fauna is uit den boze.

Kwetsbaar gebied

Wat moet natuurminnend Friesland vinden van de bouw- en spoorambities uit het deltaplan? "Ik stie der sels eins dûbel yn", verklaart Henk de Vries. Als directeur van It Fryske Gea zet hij zich dagelijks in voor behoud van natuur. "We moatte fansels súnich wêze mei ús ierde. As wy in soad autoferkear ferfange kinne troch in treinferbining, dan is dat in goeie saak." De voorkeur voor een tracé langs de A7 begrijpt de natuurbeheerder goed. "Sa past it al it bêst yn it lânskip, hoewol't ik my al soargen meitsje oer Van Oordt's Mersken."

"Mar hoe dan ek moat it spoar ergens komme", gaat De Vries verder. De nieuwe treinverbinding weegt voor hem minder zwaar dan de rest van het deltaplan. "De útwreiding fan 'e stêden, dat is in oare saak. Der wurdt sein dat dy 45.000 wenten foar it grutste part 'ynbreide' wurde. Dat wol ik earst wolris swart op wyt sjen." Het is vooral de schaal van de voorgenomen nieuwbouw waardoor de directeur sceptisch blijft. "Dat is krekt safolle as Ljouwert hjoeddedei. Je meitsje my net wiis dat je dat samar kwyt kinne yn besteande wiken."

Wegennet

Eén aspect ziet De Vries als onontkoombaar. "Stel je slagje deryn de minsken nei Fryslân te heljen, dy't nedich wêze soenen. Uteinlik soarget dat foar in fertichting fan mienskippen en in folle swierdere belesting fan de ynfrastruktuer." Huisvesting van de nieuwe Friezen neemt een deel van de ruimte in beslag, maar het wegennet en andere voorzieningen moeten vervolgens ook meegroeien, vreest de voorman van It Fryske Gea. "Nim bygelyks bedriuwenterreinen: dy moatte dan ek grutter en grutter. De romtlike fraach spilet ek bûten de wenwiken en it trasee."

Dergelijke indirecte invloeden van de woningbouw en spooraanleg zijn aannemelijk, maar onzeker. Uitgaande van een spoortracé langs de A7 is er één plek waar het groen sowieso onder druk komt te staan: Van Oordt's Mersken. "En dat terwijl het daar vol zit met beschermde soorten", vertelt Fons Eysink. Als senior ecoloog bij Bosgroep Noord-Oost Nederland staat hij vooral particuliere landeigenaren met raad en daad bij, van Staatsbosbeheer tot stichtingen en adellijke families. De organisatie helpt grondbezitters zoals de familie Van Harinxma en de Cornelia-Stichting, die grote delen van Van Oordt's Mersken bezitten, de gebieden duurzaam te onderhouden.

"Het gaat hier om een Natura 2000-gebied, dus dan heb je je aan een hoop regels te houden. Zeker op het gebied van waterhuishouding", legt Eysink uit. Van Oordt's Mersken ligt op de overgang van zandgronden naar laagveen en huisvest een breed scala aan bijzondere beschermde flora en fauna. "Je hebt er blauwgraslanden, met soorten als de knotszegge, vlotzegge en de Spaanse ruiter - die komen in Nederland heel weinig voor." Een eeuw geleden was er in heel Nederland nog bijna 30.000 hectare aan blauwgraslanden, maar door grootschalig gebruik van kunstmest en de verlaging van het grondwaterpeil is dat nagenoeg geheel gesneuveld. "Tegenwoordig is er nog veertig, misschien vijftig hectare over."

Stikstof

Stel er wordt overgegaan tot de aanleg van de Lelylijn langs de snelweg, dan zou deze dus dwars door het gebied gaan. Dat terwijl voor Natura 2000-gebieden de strengste regels gelden, zeker voor stikstofneerslag. Bij onder andere wegenbouw, veehouderij en vele industriesectoren komt stikstof vrij - op een vergelijkbare manier als het veel bekendere koolstofdioxide (CO2). Problemen met stikstof ontstaan vooral wanneer het neerdaalt op omliggend land, wat betekent dat stikstofproducerende werkzaamheden dicht bij - laat staan dwars dóór - beschermde natuurgebieden uit den boze zijn.

Er speelt bij Van Oordt's Mersken echter nog iets. "Het is een aangewezen overwinteringsgebied voor de ganzen en het is als broedgebied van de kemphaan en het paapje aangewezen", aldus Eysink. "Planten zijn wel geduldig, die kunnen wel over het nodige lawaai. De vogels daarentegen, die zoeken rust." In de praktijk betekent dit dat de aanleg van het spoortracé regelmatig kan worden stilgelegd. Bij de aanleg van een tunnel voor de Hanzelijn tussen Lelystad en Zwolle zijn zo bijvoorbeeld alle geluidsproducerende werkzaamheden gestaakt tijdens het broedseizoen. "Hier heb je het dus dubbel: in het voorjaar en de zomer is het een broedgebied, in het winter komen de ganzen."

Rondom het beschermde natuurgebied lijken de omstandigheden voor een verantwoordelijke projectuitvoering op z'n zachtst gezegd suboptimaal. Toch zou het niet de eerste keer zijn dat beschermde natuur en landschap het onderspit delven in een afweging van belangen. Dát er zo'n afweging wordt gemaakt, daar hebben ecologen en natuurbeschermers geen bezwaar tegen. 

"It kin in probleem wêze as natuer dan hielendal op it alderlêst pas beskôge wurdt, wannear't it beslút eins al naam is," vertelt ecoloog Eddy Wymenga van ecologisch onderzoeksbureau Altenburg & Wymenga. Het bureau adviseert bij nieuwe plannen en projecten over de ecologische gevolgen en consequenties. "Projektontwikkelaars, bouwers, gemeenten mar ek partikulieren: eltsenien dy't wat oanlizze wol dat ynfloed ha kin op beskermde ekologyske waarden, dy moat de plannen toetse litte oan de natuerwetjouwing."

Op tijd 

Wat Wymenga echter het liefst ziet, is dat partijen zijn bureau al vroeg in het proces inschakelen, en niet als de plannen al in beton gegoten zijn. "Dat sjoch ik ek as ús belangrykste taak: goed op tiid de ekologyske gegevens opstelle, sadat rûm foardat de projektplannen optekene wurde al dúdlik is hoe’t in gebied derhinne leit." Tijdig bij bouwprojecten worden betrokken kan een hele hoop schelen. "De Sintrale As is in goed foarbyld - dêr is fan it begjin ôf rekkening hâlden mei natuer en lânskip. Dat wol net sizze dat der, as je betiid derby belutsen wurde, in oare kar makke wurdt. Mar de belangen wurde dan al better ôfwoegen."

In het geval dat Altenburg & Wymenga wordt gevraagd vooraf een rapport op te stellen, wat staat daar dan in? "Alles wat yn in it gebiet wennet, libbet en groeit oan beskermde soarten, dat wolle je yn kaart bringe", legt de onderzoeker uit. De ecologen beginnen achter hun computer met het raadplegen van de Nationale Databank Flora & Fauna en eventuele recente tellingen of verslagen. "Mar op in gegeven moment wolst hiel presys witte hoe't it sit, en dan moatst it fjild yn."

Aan de hand van wetenschappelijke standaardprotocollen voert het bureau tellingen en observaties uit. "We rinne dan in hiele lyst bydel. Nim it foarbyld fan flearmûzen: je moatte witte wêr't de koloanjes sitte, wat de belangrykste fleanroutes binne en wêr't se foerazjearje", aldus Wymenga. 

"Itselde jildt foar briedfûgels, dêr ha je ek fêste metoades foar. Dat moat ek, want as je in standaard hawwe, kinne je ûnderling stúdzjes fergelykje." 

Schade voorkomen

Dit uitgebreide vergaren van informatie dient een zo nauwkeurig mogelijke inschatting van de impact die een bouwproject zou kunnen hebben. Dit beslaat echter veel meer dan het plangebied, benadrukt de ervaren ecoloog. "As je op it iene plak wat mei de wetterhûshâlding dogge, dan sil dat ergens oars ek gefolgen ha. Dat moatte je allegearre meinimme." De hoop is dat met zo'n ecologisch rapport schade aan natuurgebieden en hun bewoners kan worden voorkomen. Lukt dat niet, dan zijn er nog twee andere uitwegen: minimaliseren via natuurmaatregelen en compenseren door bijvoorbeeld aanleg van nieuwe natuur op een andere locatie.

Grondige ecologische en landschappelijke input is een win-winsituatie, voor zowel bestuurders als natuurbeschermers. Dat zegt ook Gijs Mank, projectleider natuurmaatregelen bij de Sintrale As, een van de grootste recente infrastructuurprojecten in de provincie. Tientallen miljoenen euro's zijn over twee fasen verspreid uitgegeven aan maatregelen voor bescherming van wilde dieren en natuur. Denk hierbij aan het Hendrik Bulthuis Akwadukt bij Burgum, of de robuuste fly-over bij De Falom waar de Sintrale As het Natuurnetwerk Nederland kruist

"Als je vroeg genoeg inrichtingsmaatregelen voor de natuur in beeld hebt, kun je bij grote projecten profiteren van aanbestedingsvoordeel", legt Mank uit. "Aannemers willen die weg graag aanleggen, dus als je natuurmaatregelen bij de aanbesteding in stopt kun je die veel goedkoper realiseren." Zo werd er in de eerste fase bij de Sintrale As voor een kleine dertig miljoen euro aan maatregelen uitgevoerd, wat als losse aanbesteding ruim 55 miljoen had gekost.

Gebiedsontwikkeling

In het geval van de Sintrale As was een van de drijvende krachten de zogeheten gebiedsontwikkelingscommissie, waarin allerhande partijen samenkwamen om hun visie op de plannen voor de nieuwe weg te geven. "Van agrariërs en natuurorganisaties tot Veilig Verkeer Nederland, de hele maatschappelijke breedte wordt in die commissie wel vertegenwoordigd", vertelt Mank. "Zij hebben meegedacht en zich hard gemaakt voor extra maatregelen. Een heel pakket is voorgelegd aan Gedeputeerde Staten en Provinciale Staten, en die bepalen wat er wordt uitgevoerd. Dat is niet het hele voorstel geworden, maar wel het overgrote deel."

Een laatste punt blijft dan nog over in het proces van natuurbescherming en -compensatie: de controle op en na de uitvoering. "Dat punt hinget eins hiel bot ôf fan de fergunning of ûntheffing, mar meastal wurdt dêryn fêstlein dat der in ekologysk wurkprotokol komme moat", legt Eddy Wymenga uit. Met zijn ecologisch onderzoeksbureau geeft hij niet alleen raad voorafgaand aan bouwprojecten, zijn medewerkers komen ook zelf monitoren of de regels wel worden nageleefd. "Yn sa’n protokol stiet hiel presys wat je dwaan moatte, ek tidens de bou."

Van vleermuisschermen tot regels over het dempen van sloten, elk aspect van het bouwproces wordt meegenomen. "Yn 'e maitiid komme de grûnsweltsjes werom út Afrika, en as se de kâns krije geane se yn in bulte mei sân sitte." Aannemers beginnen steeds meer mee te denken met de ecologen, stelt Wymenga. Ze hebben daar vooral ook zelf wat aan. "As der fûgels yn de ferkearde sânbulte sitten gean, moatsto oant it nije jier wachtsje foar je fierder kinne." Voorkomen is beter dan genezen, en daarom zijn sommige bouwlocaties vaste prik voor de ecologen. "Der binne plakken dêr't eltse wike ien fan ús delgiet en alles neisjocht."

Laks met regels

De langetermijncontrole op compensatie, echter, laat veelal te wensen over. Vooral wanneer het niet een Natura 2000-gebied betreft, kan er aardig laks met de regels worden omgegaan. In de documentaire 'Het Beloofde Bos' vertellen experts en burgers over compensatieprojecten, waar een hectare verloren bos wordt 'gecompenseerd' door een vijftal versnipperde locaties. Ook al overleeft geen enkel boompje de eerste winter, op papier telt het gebied als bos.

De bescherming van natuur lijkt vaak de allerlaatste afweging in de besluitvorming bij grote bouwprojecten in het buitengebied, terwijl daarmee júist de natuur zo zwaar wordt getroffen. De realiteit is dat natuur en landschap samen met alle andere belangen op een weegschaal worden gelegd, waarbij het essentieel is dat ecologie het juiste gewicht krijgt toebedeeld. "It giet ús derom dat je by elts projekt betiid belutsen wurde", beklemtoont Eddy Wymenga. "Net dat je in kant-en-klear plan beoardiele moatte, want dan is it soms al te let."

In regeerakkoord

Vorige week presenteerden VVD, D66, CDA en ChristenUnie na een formatieperiode van ruim negen maanden een regeerakkoord voor de periode 2021-2025. “We reserveren middelen om op termijn met medefinanciering vanuit de regio en uit Europese fondsen de Lelylijn te kunnen aanleggen”, staat onder het kopje Infrastructuur. Welke Europese fondsen dat precies zijn, blijft onbenoemd. Ze zullen echter wel een flinke duit in het zakje moeten doen. Het kabinet reserveert zo’n 3 miljard euro, terwijl de totale kosten van de Lelylijn op 6,5 miljard euro worden geraamd. De vraag rest dan hoeveel de provincies zelf in staat en bereid zijn op te hoesten voor de spoorverbinding. En welke Brusselse potjes mogelijk hiervoor geschikt zijn. Een verbinding met Duitsland en Noord-Europa zou bij dat laatste eventueel deuren kunnen openen.

Meer Natura 2000

Van Oordt’s Mersken is het Natura 2000-gebied dat het dichtst bij het meest voor de hand liggende tracé van de Lelylijn ligt. Maar in de directe omgeving liggen vier andere, eveneens streng beschermde gebieden. Alleen al aan het Koningsdiep (of het Ouddiep, ook wel de Boorne genoemd) liggen er drie: het riviertje stroomt namelijk van Bakkeveen naar Irnsum.

Het begint net boven de Bakkeveense Duinen, met de beschermde zandverstuivingen en zure vennen. Vervolgens passeert het water het Wijnjeterper Schar, een klein gebied vol zeldzame heide- en veensoorten. Na Van Oordt’s Mersken bereikt het Alddjip De Deelen, waar onder andere de roerdomp, bruine kiekendief en purperreiger broeden.

Het vierde en laatste Natura 2000-gebied is ook meteen het grootste: nationaal park De Alde Feanen. Daar leven en groeien tientallen beschermde dier- en habitatsoorten, van de noordse woelmuis en bittervoorn tot blauwgraslanden en trilvenen.

Dit artikel is mede tot stand gekomen dankzij een financiële bijdrage van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten. De serie artikelen is een gezamenlijk initiatief van Sa!Media, Actief Media en Ying Media (Groot Heerenveen). De eerder verschenen artikelen zijn terug te vinden op sa24.nl.

Tekst: Allart van der Woude