Algemeen

Riet Steenwijk: “Van de Eredivisie naar Champions League”

In 1994 nam de derde generatie, Jan en Riet Steenwijk, zij waren toen inmiddels eigenaar van drie schoenenzaken in Gorredijk en Sneek, het roer over van de zaak aan de Dracht in het Friese Haagje. Mede-eigenaar Riet Steenwijk is de belichaming van het familiebedrijf; hartelijk, goedlachs, humoristisch en vol van verhalen. Maar bovenal een vakvrouw die gepokt en gemazeld is in de schoenenbranche, een ‘pro’ die weet waar Abraham de mosterd haalt.

Afbeelding
HEERENVEEN - Steenwijk Modeschoenen is al sinds 1929 een familiebedrijf, dat niet meer weg te denken is uit het centrum van Heerenveen.

Riet en Jan kennen elkaar al 46 jaar en vieren dit jaar hun veertigjarige huwelijksband. “De naam Steenwijk leidt wel eens tot verwarring”, vertelt Riet lachend. “Zoals bij een klant van onze andere zaak, Buggly, dat toen nog op een andere locatie aan de Dracht zat. Die kon de juiste kleur van het model dat ze wilde hebben, niet vinden bij Buggly. Waarop de verkoopster zei: ‘Dan loopt u toch even naar Steenwijk, daar hebben ze hem gegarandeerd’. ‘Bekijk het’, antwoordde de klant ’ik ga niet helemaal naar Steenwijk voor een ander kleurtje en zeker niet lopend’.” De toon van het gesprek is gezet.

Er al vroeg bij

Riet werd zestig jaar geleden geboren in Nijverdal. Haar vader was vrachtwagenchauffeur en haar moeder werd met de komst van Riet fulltime moeder, zoals dat in die jaren gebruikelijk was. Daarvoor werkte ze op het laboratorium bij Ten Cate in Nijverdal. Riet had twee jongere zusjes en een broertje. Riet kreeg op 16-jarige leeftijd verkering met Jan Steenwijk, ze was er al vroeg bij. Jan kwam steevast elk weekend met de trein naar Nijverdal à raison van negen gulden voor een treinkaartje. “Mijn vader drukte hem ook wel eens stiekem een tientje toe, omdat die het wel gezellig vond.”

“Na het voortgezet onderwijs mocht ik van mijn ouders naar het TIO in Hengelo. Dat was een eenjarige particuliere opleiding in de toeristische sector, met tegelijkertijd de Schoevers secretaresseopleiding ernaast. En dat was ‘poot-aan’. Mijn vader was kostwinner, dus het was van het salaris van een vrachtwagenchauffeur geen vetpot bij ons thuis. Mijn ouders hebben er alles aan gedaan om mij op die opleiding te krijgen en daar ben ik ze nog steeds dankbaar voor.”

Zoontje van de baas

Na het TIO, verhuisde Riet van Hengelo naar Heerenveen. Ze ging ze aan de slag bij de ANWB in Leeuwarden.

“Mooi dicht bij Jan, dacht ik. Maar ik zat daar koud drie maanden, of Jan vertrok naar Doetinchem, omdat hij het vak wilde leren onder een baas en niet als ‘het zoontje van de baas’ bij Steenwijk schoenen in Heerenveen. Af en toe kreeg hij heimwee naar de gezelligheid van Heerenveen. Hij reisde dan meteen na zijn werk naar het Friese Haagje, snoof een paar uur de Heerenveense sfeer, sliep in zijn eigen bed en vertrok ’s morgens met het opkomen van de zon weer richting Doetinchem. Na een jaar Doetinchem werd Assen zijn nieuwe uitvalsbasis en ik kon van het ANWB filiaal in Leeuwarden verkassen naar Zwolle. Dat was een mooie periode en er werd al redelijk vaak gepraat over een eigen winkel.

Geen cent te makken

In 1980 sprongen we in het diepe. Er kwam een mooie centraal gelegen winkel in Gorredijk vrij. We waren net getrouwd en hadden nog maar weinig op kunnen bouwen.” Riet en Jan Steenwijk hebben geen cent te makken. “Ons enige ‘kapitaal’ was een auto. Staatsgarantie op een krediet voor onze zaak konden we dus wel vergeten. De bank echter had er meer vertrouwen in en financierde ons avontuur, waarna er alsnog voor vijftig procent staatsgarantie loskwam. We draaiden als een tierelier in Gorredijk en kregen een stukje back-up van Jan zijn vader. Niet in geld overigens, maar meer op voorraadgebied. Op die manier konden we onze voorraad en dus ook de inkoop beperkt houden. Na een paar jaar Gorredijk hebben we Diks Modeschoenen op de Oosterdijk in Sneek overgenomen, het pand waarin thans Jeans Centre is gevestigd. En later kwam daar nog een Buggly in Sneek bij, zodat we toen drie zaken hadden. Na vijf jaar hebben we de vestigingen in Sneek verkocht.

Overname Steenwijk Heerenveen

De zaak aan de Dracht in Heerenveen hebben we in 1994 overgenomen. Jan zijn broer, die bij zijn vader in de zaak zat, begon een eigen zaak in Harlingen en opende later nog een schoenenzaak in Leeuwarden. Het gevolg was dat Steenwijk senior, die al een aantal jaren was gewend om het wat rustiger aan te doen, plotseling in een hogere versnelling moest. Dat was te veel gevraagd en dat was merkbaar in de kwaliteitsbeleving van de zaak. Dat raakte Jan in zijn hart, zodat er een ‘familieraad’ werd gehouden. Jans broer had met net twee nieuwe zaken wat anders aan zijn hoofd en was niet geïnteresseerd om de zaak aan de Dracht over te nemen. Zijn zusters ook niet, zodat wij de nieuwe eigenaar werden van Steenwijk Heerenveen. Jans vader is nog zeven jaar bij ons in dienst geweest.”

Uniek in Nederland

Sinds vijf jaar maakt Steenwijk Modeschoenen Heerenveen deel uit van de exclusieve inkoopcombinatie Promodes, waar topbedrijven als bijvoorbeeld Van Arendonk, Shuz schoenen, Nolten, en Oxener lid van zijn. “Zeg maar de mooiste en beste schoenenzaken van Nederland. Dus dat is best een eer om daarvoor te worden gevraagd. Ik herinner me nog goed dat Floris van Bommel toen tegen ons zei: ‘Jullie speelden al eredivisie, maar nu zitten jullie in de Champions League’. En het is niet alleen prestige om daarbij te horen, het levert ook bepaalde voordelen op. Zoals de speciale ontwerpen die we met deze ‘club’ kunnen realiseren, net een afwijkend patroontje of een andere kleurstelling waardoor onze schoenen uniek zijn in Nederland.

Daarnaast kregen we van Van Bommel, net als wij een echt ‘schoenen-familiebedrijf’, de vraag of wij Authorized Floris van Bommel dealer wilden worden, want die hadden ze nog niet in het noorden van ons land. Dat betekent dat we minimaal vijftig heren- en vijftien damesmodellen voeren in een Floris van Bommel shop in a shop, dat we elk jaar vier modellen hebben, die op andere verkooppunten niet worden verkocht, dat er jaarlijks een paar ludieke acties zijn en niet te vergeten dat we in de shop een uniek vloerkleed hebben liggen.

Man van Vitruvius

Dat is een verhaal op zich. We hadden daar een vloerkleed liggen met de overbekende afbeelding van de naakte ‘Man van Vitruvius’ van Leonardo da Vinci. Daar werden keer op keer grapjes over gemaakt als we daar overheen liepen. Je hebt niet al te veel fantasie nodig om het genre van die geintjes te raden. We wilden daar graag een ander kleed hebben. ‘Gaan we voor zorgen’ zei Floris van Bommel, ‘Maar dan moet het wel een kleed worden waarover wordt gepraat’. En dat is het geworden. Een groot ludiek vloerkleed met in het midden de schetsontwerpen van Floris van Bommel, aan de rechter bovenkant het wapen van Waalrijk en de drie broers Reinier, Pepijn en Floris Van Bommel, aan de linker onderkant het wapen van Heerenveen en Jan en Riet Steenwijk en daartussenin banieren met de regels van het Friese volkslied. Dit alles in een ludieke cartoonachtige setting. Is dat leuk of is dat leuk?

Jan met bodyguards

Het was trouwens in meerdere opzichten feest tijdens de opening van die speciale ‘shop in a shop’. Floris en Reinier van Bommel deden de opening en stonden, beiden gekleed in een opvallend groen jasje, aan weerszijden van Jan. Waarop een van de toeschouwers aan mij vroeg: ‘Is die middelste meneer Floris van Bommel’? Die man dacht dat Jan Floris van Bommel was en dat Floris en Reinier twee bodyguards waren. Kostelijk.

En die man, die met twee verschillende Van Bommel schoenen aan zijn voeten de winkel in kwam lopen. Hij kocht een paar nieuwe ‘Van Bommels’ en een riem en liet deze signeren door Floris. Toen deze daar klaar mee was, trok hij beide schoenen uit en vroeg of die ook gesigneerd konden worden. Hij vond het wat ‘lullig’ om met twee tasjes met schoenen de winkel in te lopen en had ze maar aangetrokken. Dat kon natuurlijk, waarop Floris aan de binnenkant van de riem schreef: ‘Deze riem mag alleen gedragen worden in combinatie met twee dezelfde ‘Van Bommels’.”

De trends van 2020 en 2021

De dag voor dit interview zaten Riet en Jan Steenwijk nog op een buitenlandse beurs om de winterinkopen voor 2020 te doen en oriëntatie op zomer 2021. “We gaan ieder jaar in ieder geval vier dagen naar Milaan, zitten veel in Brussel, bezoeken kledingbeurzen in Amsterdam, Kopenhagen en Berlijn. En niet te vergeten, we krijgen veel info via de Rinsma dames- en herenwinkel. Want je ziet op die kledingbeurzen wel wat ons het komende jaar aan modetrends staat te wachten, maar je weet niet wat er door de modewinkels is ingekocht; waarmee we met onze schoenen moeten combineren. We wonen tenslotte in Friesland. Dus exclusief kan en mag, maar niet te exorbitant, want: ‘Doch mar gewoan’.”

Even doorgaand op die trends, wat kunnen we verwachten? “De ‘print’ blijft ‘hot’. Wel is de panterprint van lieverlee wat verschoven naar het zebrapatroon en wordt er op veel schoenen een andere kleur ondergrond gebruik. Deze zomer is de python print, dus slangenleer-effect, helemaal hip. Ook deze wordt toegepast op een gekleurde ondergrond. Verder zien we duidelijke vintage invloeden, van de zestiger en zeventiger jaren, zoals de blokhak, in het modebeeld verschijnen.”

Spelen in de Champions League vergt veel oefening en oriëntatie, want ‘noblesse oblige’.

Door Wim Walda Foto: FPH/Mustafa Gumussu

Afbeelding