Kees Kuiper heeft 300 soorten Beltsjeblommen “Een vloek en een zegen tegelijk”
“Dit is een vloek en een zegen tegelijkertijd” zet hij de toon van het gesprek, daarbij doelend op zijn perceel van 1600 vierkante meter, waarvan het grootste deel wordt ingenomen door zijn tuin, kas, pergola, schuurtje, serres. Niet alles, maar wel heel veel staat in dienst van de circa 350 fuchsiasoorten (Beltsjeblommen) en de speciale hoekjes met onder andere geraniums, pelargoniums, ananasplanten, bananenboom, kuipplanten, tropische planten en bamboesoorten.

Hergebruikte materialen
We beginnen met een rondleiding door de tuin. Met boomschors bestrooide paden meanderen door de tuin naar speciale thema-hoekjes. “Kijk, hier had ik een vijver met bamboesoorten er omheen. De vijver heb ik dichtgegooid, maar het hoekje heet nog steeds ‘De Negerhut van Oom Tom’.” Humor kan hem niet ontzegd worden. Een tiental meters verder Kees zijn versie van de Pyramide van Cheops, met naast de te verwachten Beltsjeblommen een aantal uitheemse planten. Vrijwel overal wordt met gebruikte materialen gewerkt die in zijn ‘paradijsje’ een tweede leven krijgen.
Bananenboom
In de kas staat een afgezaagde bananenboom die opnieuw aan het uitschieten is. “De originele boom is afgezaagd” vertelt Kuiper, “Omdat die de dakspanten omhoog begon te drukken, maar er kwamen weer twee nieuwe scheuten naast, die ook in bloei kwamen. Ik heb toen met een vriend gewed dat er eetbare bananen aan zouden komen. Dat kratje bier verloor ik, want de bananen gingen dood. Maar ik kreeg mijn revanche. Bij de fruithal heb ik een trosje van die kleine bakbananen gekocht en dat aan een tak vastgespijkerd. Het volgende kratje bier was voor mij. En voor nog een kratje krijg je een nijptang om die spijker uit de tak te halen, toen kreeg ik bijkans de nijptang voor mijn kop.”
Kees Kuiper is een Jubbegaaster. Toen hij elf was verhuisde het gezin Kuiper naar Oldeberkoop. Kees had twee jongere zusjes. Heit werkte aanvankelijk als ‘kippendokter’ (selecteur) bij de CAF, en sloot zijn werkzame leven af bij de zuivelfabriek Makkinga en Wolvega. Kees ging na de Mulo naar het kadaster in Den Haag en kwam op zijn eigen uitdrukkelijke verzoek op zijn 24e ‘in het veld’. “Ik ben een ‘bútenmantsje’, een natuurmens, ze moeten mij niet opsluiten tussen vier muren, want daar wordt ik helemaal gek.” Zijn wat ruige, verweerde en bruine kop getuigt van zijn voorliefde voor het buitenleven. “Ik was aanvankelijk drieënhalve dag in het veld” vervolgt hij “En anderhalve dag op kantoor, maar net als bij ieder bedrijf vonden er tegen de eeuwwisseling ook bij het kadaster reorganisaties plaats, waardoor de situatie omgekeerd werd, nog maar anderhalve dag buiten en de rest tussen vier muren. Er moesten mensen uit. Omdat het idee om de hele dag opgesloten te zitten, zonder de zon te kunnen zien, mij bepaald niet aanlokkelijk voorkwam en omdat ik steeds meer last kreeg van de ziekte van Meunière, mocht ik op mijn 58e met pensioen.
Grietje
“Mijn vrouw Grietje heb ik leren kennen tijdens mijn werk. Het was midden in de zomer en ik was zo bruin als een neger. Ze vroeg daarnaar en toen vertelde ik haar dat ik net terug was uit Spanje. Je moet weten dat ik naast mijn Beltsjeblom-gekte nog een andere passie had: Korfbal. Speler, trainer, bestuurder. Bovendien ben ik zestien jaar internationaal scheidsrechter en zeventien jaar hoofdklasse scheidsrechter geweest. En ik organiseerde met een paar mensen korfbalreisjes naar Spanje. De eerste reis reed ik met 150 liefhebbers naar Spanje voor een toernooi. Dat werd verder uitgebouwd, beetje reclame van bedrijven, shirtreclame, sponsors. Kortom, het was een week feest. Dat heb ik 13 jaar gedaan, tot 1996. Daar nodigde ik Grietje voor uit en daar ontstond iets moois uit. We zijn nu 25 jaar bij elkaar.”
Vakantie
Kees en zijn vrouw Grietje mogen graag wat van de wereld zien, waarbij de voorkeur uitgaat naar tropische oorden. In de zomermaanden is dat geen optie, omdat de Fuchsia’s in die periode intensieve verzorging nodig hebben. Maar in oktober, november of januari, februari is het raak. “Hoe dan ook, ik wil voor 1 april weer thuis zijn, want dan begint voor mij het seizoen weer. Oppotten, stekken, de paden weer wat christelijk maken, onkruid schoffelen (heb ik een bloedhekel aan), reparaties uitvoeren.”
Hoe is die doorgeschoten Beltsjeblommen-hobby begonnen?
“Tijdens mijn landmeterwerkzaamheden waren we verplicht om tussen de middag een uur pauze te nemen en dat uurtje gebruikten we dan meestal voor een uitsmijter of iets dergelijks in het plaatselijke café. Heel vervelend, want zit je net in je ritme, moet je weer pauzeren”, grijnzend.
Een van de veel bezochte kroegen was Café Kromkamp van Piet en Annie Kromkamp in Oldeholtpade. Daar kwam een mevrouw binnen met een paar hele mooie Fuchsia’s. Kees sprak zijn bewondering uit over de mooie kleuren en werd uitgenodigd eens een kijkje te komen nemen. Hij kwam daar in een tuin die bezaaid was met Beltsjeblommen, groot, klein, op stam, hangend, rood , wit, paars. “En zo is het eigenlijk begonnen. Ik kreeg wat stekjes mee en was vanaf dat moment besmet met het ‘Beltsjeblom-virus’.” Naarmate de jaren vorderden kwamen er steeds meer soorten in mijn tuin. Ik was lid van de Nederlandse kring van Fuchsiavrienden regio Friesland, waarvan Grietje Penningmeester is. Daar leer je andere liefhebbers kennen, je wisselt ervaringen uit, ruilt eens wat en zo groeit de verzameling door. Ik heb nu zeg maar rond de 350 soorten. En omdat ik gek op de natuur ben, in mijn tuin graag met natuurlijke materialen werk en veel ‘thema-hoekjes’ creëer, komen er ook andere planten in beeld. Anders wordt het allemaal wat eentonig. Het mooie vind ik dat er aan elke plant een verhaal vastzit.”
Rampzomer
“Zeg dat. Het was dit jaar inderdaad een rampzalige zomer. Het begon veel te koud, vervolgens was het veel te nat en nu is het al sinds zes weken gortdroog. De Beltsjeblommen willen niet aanslaan. Ik heb een vijver achterin de tuin en in de voortuin een bron. Daar heb ik ze laatst een keer met het gietertje water mee gegeven, ging er 300 liter doorheen. Toen was mijn kop nog rooier dan hij nu is.”
Open Tuin
In het weekend van 28 en 29 juli houdt Kees Kuiper zowel op zaterdag als zondag van 10:00 – 18:00 uur Open Tuin. De toegang is gratis, koffie en koek in de bezoekersruimte. Het adres is: Schoterlandseweg 35 in Oudehorne.











