Algemeen

Veekeuring in Balk op woensdag 25 juli

Veekeuring in Balk op woensdag 25 juli
Afbeelding
Bij de belangstellenden, boeren en liefhebbers sudderde altijd een stille hoop dat de veekeuring weer terug zou komen. Een ontwaakt bestuurslid besloot de boel eens wakker te schudden. Zo ontving Jan de Jong (63) uit Balk een telefoontje, of hij wilde helpen met het organiseren: “dat lijkt mij fantastisch, want er is niets mooiers om de boerderij dichter naar de burger te krijgen dan dit!”, antwoordde hij.
Jan de Jong haalt graag de boerderij weer naar de burger
De vroegere veekeuringen die in Balk werden gehouden zijn al decennia uit het straatbeeld verdwenen. Kalverfokclubs, zoals de Trijeling, bleven nog wel actief met keuringen, maar dat was vooral voor de jeugd. Echter toen de mond- en klauwzeercrisis het land overnam, raakte ook deze club in een diepe slaap. Daarmee werd de afstand tussen de burgers en de boeren in de omgeving ieder jaar een stukje groter.

Boerenbloed Het boerenbloed zit er bij Jan van alle kanten in. Zowel vader als moeder werden in een boerengezin geboren. Toen zij in het huwelijk traden betrokken ze een boerderij in de Brekkenpolder, destijds nog een eiland gelegen tussen Lemmer en Gaasterland. Vanaf de boerderij was er slechts een zandpad de polder in. De melk werd door een boot afgehaald, Jan ging met de boot naar school en met de boot moesten ze naar de kerk. Als natuurmens was het voor Jan fijn om daar op te groeien, maar toen in 1968 de brug en een verhard pad kwam betekende dat ook vrijheid voor hem. “Ik kon ineens op de fiets naar school. Dat was fantastisch.”

Van de vier broers is Jan de enige die het boerenvirus mee heeft gekregen, maar hij proefde eerst nog even aan de detailhandel. Na enkele jaren bij een elektrozaak in Lemmer, kwam hij via AB vakwerk bij een boer te werken. In 1988 startte hij zijn eigen onderneming als rundvee pedicure. Zo kwam hij bij heel wat boeren in de omgeving over de vloer. Het mocht helaas voor Jan niet al te lang duren, want Jan kreeg klachten. Er werd bij hem gewrichtsreuma geconstateerd, waarmee zijn werk als klauwverzorger helaas onuitvoerbaar werd. Zo kwam hij bij een Engels bedrijf terecht, wat voortplanting als specialiteit had. Dat bedrijf was internationaal actief en zo kwam het dat Jan naar verschillende landen afreisde en cursussen om vee te verbeteren gaf. “Het enthousiasme ten aanzien van veeverbetering heb ik van mijn vader geërfd. Die vond dat prachtig. De omgang met mensen en dieren is gewoon mooi. Ik haal er plezier uit als ik samen met boeren, management-technisch naar een beter resultaat kan werken. En omdat ik op veel boerderijen kom, kan ik ze ook attenderen wie er wat van elkaar kan leren.”

Wanted: dead or alive Jan is niet alleen een bekend gezicht in agrarische bedrijfsvoeringen. Een vriend van hem had een discotheek in Balk. Of Jan hem een weekend uit de brand kon helpen toen zijn portier geblesseerd was geraakt. Dat weekend duurde tien jaar. “Ik had het nooit zelf geïnitieerd, maar ik had het voor geen goud willen missen. Op het CSG Bogerman hier hing een foto van mij: ‘wanted: dead or alive’. Als ze de leeftijd nog niet hadden, liet ik ze niet binnen en dat vonden ze nog weleens vervelend”, legt Jan schaterlachend uit.

Kalverfokclub en veekeuring In de jaren ’70 streek Jan met zijn gezin neer in een woning in Balk. Daar ging hij regelmatig met zijn kinderen naar presentaties van de kalverfokclub de Trijeling. Bij een van zijn dochters zag hij daar de boerengenen ontluiken: “Heit, dat wil ik ook zo graag.” Een boer kreeg dat mee en zei: ‘Famke dan ga jij toch met een kalfje van ons’. Zo deed zij ook aan verschillende keuringen mee. “Je had vroeger meer van die kalverfokclubs. Het was eigenlijk voor jongeren bedoeld, maar het is ook het presenteren van het boerenbedrijf. Door de MKZ-crisis is het allemaal stil komen te staan. De dieren moesten aan allerlei veterinaire eisen voldoen”, legt Jan uit. Toen een oud-bestuurslid opperde weer een keuring te organiseren was Jan meteen enthousiast. In 2016 vond de eerste keuring sinds decennia weer plaats en het was een groot succes. Veel boeren deden mee en er kwam een hoop publiek op af.

Strenge regels Er hangen wel strenge regels zo’n keuring. “In de melkveehouderij moeten de dieren ziektevrij zijn, dat betekent dat zij geen antistoffen hebben. Nederland is een exportland en veel landen eisen dat de dieren geen antistoffen van bepaalde ziektes hebben. Daarvoor kun je de dieren enten. Na enkele jaren enten kun je helemaal ‘vrij komen’ en word je gecertificeerd. Bij een groot deel van die dieren die komen, moet bloedonderzoek worden gedaan. Niet goed? Dan mogen ze niet komen.”, licht Jan toe.

Net een missverkiezing Bij de veekeuring letten ze op het exterieur van de koe. Dat houdt onder andere in dat ze kijken naar het type koe, de melkopdruk (aanleg om melk te geven), of ze diepe ribben hebben zodat er veel voer in kan, de uier mooi onder het dier hangt en niet bijna op de grond, een breed kruis zodat zij goed kan kalveren, of de benen en de klauwen goed zijn. “Het is net een missverkiezing”, grapt Jan.

Tijdens de veekeuring brengt de jeugd de kalveren voor en de volwassenen presenteren de koeien. Het beste kalf en de beste koe worden kampioen. Het betreft alleen melkvee. De veekeuring vindt plaats op woensdag 25 juli, vanaf 09:00 op het Haskeplein in Balk. “Absoluut de moeite waard om te komen kijken”, besluit Jan.

Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding