Algemeen

Face to Face met Johanna Faber: Skarsterbrêgster paardenmens in het zonnetje gezet

Door: Isa Wessels

SCHARSTERBRUG = Meestal is Johanna Faber zelf achter de camera te vinden, maar voor nu zijn de rollen even omgedraaid en is de spotlight een keer op haar gericht. In de nasleep van de Friese Hengstenkeuring in het WTC Expo, waar de Skarsterbrêgster voor duizenden mensen publiek en nog meer kijkers van de livestream in het zonnetje werd gezet, gaan we in haar knusse boerderij in gesprek met deze creatieve duizendpoot.

Afbeelding
Foto Johan Brouwer

“Inmiddels ben ik wel een beetje bijgekomen van de hengstenkeuring, al was het moment dat ik naar voren geroepen werd wel heftig”, blikt Johanna terug op het moment dat ze door Mechteld van der Kooi, de voorzitter van vereniging Het Friese Tuigpaard, bedankt werd voor haar 25 jaar aan onvermoeibare inzet. “Ik was op de hengstenkeuring aanwezig voor mijn werk als verslaggever voor een hippische krant. Ik was goed op de hoogte van de afspraken en wist dat ik niet in de rijbaan mocht voor het maken van foto’s. Toen KFPS-directeur Marijke Akkerman (Koninklijke Vereniging Het Friesch Paarden-Stamboek, red.) mij tijdens de uitreiking van de Silver Bowl uit het niets aanspoorde tijdens de huldiging toch de baan in te gaan, voelde ik dat er iets niet klopte en toen Jeanet Dam het vervolgens ook deed ben ik toch maar de baan in gegaan. Nadat ik wat foto’s had gemaakt wilde ik weer terug naar mijn plek, pas toen dat echt niet mocht had ik opeens door dat het om mij ging. Ze hebben me echt verrast, al was het eerste waar ik op dat moment aan dacht de camera van de livestream die nu vol op mijn snuit stond”, lacht Johanna. 

Steeds meer de smaak te pakken
Johanna (47) groeide op tussen de koeien op een melkveebedrijf en kreeg al op jonge leeftijd een pony. “Dat mocht niet van mijn vader, maar mijn moeder wilde wel heel graag dat we zouden gaan ponyrijden. Toen ik te groot werd voor mijn pony ben ik bij mijn buurman op zijn Friezen gaan rijden. Eerst dressuurmatig, maar niet lang daarna kwam het mennen en tuigen op mijn pad. In de jaren ‘97/’98 zocht mijn buurman een groom (verzorger tijdens wedstrijden bijvoorbeeld, red.) voor zijn Friese tuigpaarden. Bij één van deze wedstrijden werd mij gevraagd of het wedstrijdsecretariaat ook wat voor mij zou zijn. Met een afgeronde studie MEAO-Secretariaat als achtergrond heb ik dat aanbod aangenomen, al had ik geen idee waar ik destijds instapte. In 1999 kwam ik in het bestuur en verzorgde vanaf toen het wedstrijdsecretariaat bij de regionale rijders. Een jaar later nam ik ook het algemene secretariaat en de rol van penningmeester over van Jaap van der Meulen. Eenmaal bezig vond ik mijn weg en ben ik er steeds meer ingerold. In de loop der jaren breidde het wedstrijdsecretariaat zich ook uit tot de nationale rijders en heb ik zelfs een poosje het secretariaat van de ringrijders erbij uitgevoerd. In deze periode heb ik veel geleerd van mijn voorganger Jaap van der Meulen en Henk Dijkstra, met wie ik tien jaar in het bestuur heb gezeten. Het formele heb ik van Jaap geleerd en mijn liefde voor de Friese paarden en historie, in de breedste zins des woords, werden enorm door Henk gevoed. Mede door hen kreeg ik steeds meer de smaak te pakken.” Dit alles maakte dat ze al gauw ‘Miss Friese Tuigpaard’ werd genoemd.


‘Erelid en bronzen speld’
De voorzitter van de vereniging noemde Faber een ‘spin in het web’, en blikte hiermee onder andere terug op het erelidmaatschap dat in 2014 al werd uitgereikt. “Je mag drie aaneengesloten perioden als bestuurslid van de vereniging blijven zitten”, legt ze uit. “Toen dat erop zat moest ik uit het bestuur, maar voor mijn gevoel was het helemaal nog niet klaar. Destijds werd ik ook overvallen met de titel erelid en kreeg ik daarnaast ook nog een bronzen speld van de KNHS (Koninklijke Nederlandse Hippische Sportfederatie, red.). Heel mooi, maar heel gek. Ik vond het een hele eer. Daarbij werd ik vorig jaar erelid gemaakt van fokvereniging ‘It Fryske Hynder’. Al deze waardering maakt mij enigszins verlegen”, zegt ze bescheiden.

Werken voelt als vakantie
Stilzitten komt niet voor in het woordenboek van de Skarsterbrêgster. Ze is niet alleen bezig op bestuurlijk- en secretarieel vlak, maar zet zich als freelanceverslaggever en fotograaf ook in voor hippische titels. “Daarnaast ben ik drie dagen in de week gastouder. Donderdag en vrijdag beschouw ik als een soort weekend, dagen kan ik flexibel inplannen. Op zaterdag ben ik vaak aanwezig bij de keuringen en wedstrijden en zondag moeten deze foto’s en uitslagen verwerkt worden en moeten er teksten geschreven worden.” Het geheim om alle balletjes hoog te kunnen houden is vooral een achterban hebben die dit accepteert”, grinnikt ze. “Dat is soms best lastig met een melkveebedrijf aan huis, maar ik vind het leuk en ik krijg er veel energie van. We gaan ook eigenlijk nooit op vakantie, dus voor mij voelen dit soort dagen wel eens als vakantie. Even lekker eropuit en doen wat ik leuk vind. Al moet ik straks ook wel even rust nemen als het moment daar is.”

‘Ik geniet net zo veel van het begeleiden als van het rijden’
De liefde voor Friese paarden komt niet uit de lucht vallen en met twee eigen paarden en een logé op stal is deze ook zeker nog niet vervaagd. Toch maakte Johanna zo’n vijftien jaar geleden de lastige keuze om zelf te stoppen met de sport. “Toen ik het secretariaat deed, moest ik ook wel eens over mezelf schrijven en dat vind ik niet zo handig. Daarnaast matchte het niet heel gemakkelijk meer met de trainingen en kreeg ik kinderen, dus heb ik besloten om te stoppen. In het begin vond ik het heel jammer en ik heb ook lang getwijfeld om ook het Friese kostuum aan te schaffen, maar uiteindelijk heb ik het nooit gedaan. Daarnaast ben ik in de loop van de jaren ook wel wat banger geworden op de menwagen, misschien dat ik het later met mijn huidige veulen nog op wil pakken. Want als ik het doe, wil ik het ook goed doen. Ik vind paarden heel leuk, maar ik geniet er ook zeker van om mensen met hun paard door de jaren heen te zien groeien en ontwikkelen. Ik hoef het zelf niet per se te doen, maar ze wegwijs maken in de tuigsport vind ik net zo leuk.

Blijven ontwikkelen
Tegenwoordig kan je de klok erop gelijkzetten: is er een evenement met Friese paarden in de buurt, dan is Johanna daar met haar camera te vinden. “Toen ik het secretariaat overnam werd er gelijk bij gezegd dat ik van elke wedstrijd ook een verslag moest maken. Uiteindelijk groeide dit verder uit en werd er ook vanuit de fokvereniging gevraagd of ik voor hun blad wilde schrijven. Uiteraard was hier fotomateriaal voor nodig en omdat het niet ideaal was om steeds fotografen te moeten benaderen voor foto’s, ben ik gaan kijken of dat gemakkelijker kon. Ik schaftte een camera aan en volgde een cursus. Nog steeds wil ik meer leren over fotografie, bewerken en reels maken, want je bent natuurlijk nooit uitgeleerd. Het is goed om jezelf te verbreden, hoe meer je kan hoe leuker het wordt en hoe handiger het is. Ik wil me blijven ontwikkelen want de wereld blijft veranderen, al ontbreekt het nog wel eens aan tijd”, concludeert ze. “Ik heb niet het gevoel dat het klaar is. Ik wil nog dingen leren, groeien en anderen tot dienst zijn.”

Tekst: Isa Wessels