Scheepswrak bij Stavoren roept boeiende vragen op
“Opvallend is dat de huid van het schip uit drie plankenlagen bestaat”, zegt archeoloog Yvonne Boonstra van de gemeente Súdwest-Fryslân. “Dit was in de zestiende eeuw zeer gebruikelijk, maar in de achttiende eeuw eigenlijk niet meer.”

Meer stevigheid Er kunnen meerdere redenen zijn voor deze drievoudige huidlaag. “Mogelijk is een extra laag aangebracht om de levensduur te verlengen, als bescherming tegen de paalworm”, zegt Boonstra. Een andere mogelijkheid is dat het schip werd verlengd of is ingezet voor militaire doeleinden. “Een drievoudige huidlaag geeft dan meer stevigheid.”
Extra uitdaging Troebel zicht en niet altijd even gunstige weersomstandigheden waren een extra uitdaging voor de studenten onderwaterarcheologie die bij het archeologisch onderzoek waren betrokken. Deze zogeheten ‘fieldschool’ had een dubbel doel. Ook wilde het RCE eerdere aannames over het schip toetsen.
Sextant
Zoals duikers van de Landelijke Werkgroep Archeologie Onder Water (LWAOW) al eerder vaststelden is van het schip alleen de onderkant, het zogenaamde vlak, bewaard gebleven. De lengte van het vlak is zo’n 25 meter en de breedte tussen de 4 en 5 meter. Ook de vermoedelijk late zeventiende-eeuwse of vroeg achttiende-eeuwse datering werd bevestigd door de vondsten van diverse tinnen lepels en veel pijpenkoppen uit deze periode. Een bijzondere vondst is die van een metalen object, mogelijk een sextant, een navigatie-instrument voor op zee.
‘Prachtkans’ In ieder geval heeft de stevigheid door de extra dikke romp het schip niet kunnen behoeden voor vergaan. Wat het doel van dit schip was en waarom het verging, wordt wellicht duidelijk bij de uitwerking van het onderzoek. “Dit is een prachtkans om meer te weten te komen over oude scheepsbouw, zeevaart en handel in deze regio”, zegt Boonstra.
Foto: RCE, Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed









