Hermanda de Haan blaast al 25 jaar haar NOTK-partijtje mee “Al dat publiek geeft me een enorme kick”
HEERENVEEN - Met een pake als trombonist van een brassband, een vader die muziek maakt en ook dirigent was en een moeder die ook speelde, was het al snel duidelijk dat Hermanda de Haan ook die richting op zou gaan.

Al op tienjarige leeftijd kwam ze bij brassband Pro Rege terecht, het vaste begeleidingsorkest van de Night of the Koemarkt. Als bugelist maakte ze alle edities van de NOTK mee. Maar ook achter de schermen blaast de inwoonster van Oudehaske haar partijtje mee. Als bibliothecaris van de muziek van dit evenement vervult ze een belangrijke rol.
Hermanda de Haan heeft het beheer over alle bladmuziek die door de arrangeurs wordt gemaakt. Als er een nummer ‘uit de oude doos’ wordt gespeeld, zoals ‘Simply the Best,’ moet Hermanda de partijen voor Pro Rege erbij zoeken. Kijken of deze nog up to date zijn en ervoor zorgen dat elke muzikant zijn of haar eigen muziek krijgt. “Maar ook dat het na afloop weer ingeleverd en vervolgens weer gearchiveerd wordt. Dat is voor zo’n avond nogal een stapel”, doet ze haar armen een halve meter uit elkaar.
1300 muziekstukken
Je zou zeggen, eenieder neemt het mee naar huis, dat scheelt een hoop gedoe. “Dat kan niet”, volgens De Haan. “Want je maakt afspraken en iedereen zet zijn eigen aantekeningen erop. Een aantekening kan een extra herhaling zijn, het inkorten van een bepaald deel, een ander slot of er wordt besloten dat een bepaalde partij iets zachter moet spelen. Bovendien, van de 24 edities zijn er nog maar drie leden die ze allemaal meegemaakt hebben. Er stoppen ook wel eens leden. De naam staat dan ook niet op het muziekstuk, maar wel het instrument. Een eerste trombone, een tweede trombone, een derde trombone, iedereen speelt zijn eigen partij. Dat beheer is een heel werk. Maar erg leuk, ik mag het al twintig jaar doen.” Ter illustratie: Hermanda heeft het beheer over 1.300 (!) muziekstukken en is daarmee een belangrijke partij in het geheel.
Af en toe een solootje
Hermanda zit al 37 jaar bij Pro Rege . Begonnen op de cornet, speelt ze sinds haar achttiende bugel. Een bugel ziet eruit als een trompet, maar is kleiner en warmer van klank. “De bugel is een prachtig instrument, warm, een trompet is veel scheller. Je hebt echt helemaal je eigen partij met af en toe een solootje. Ik wilde graag een bugel, omdat er maar één bugel in een brassband zit. Vaak is er geen plek. Als iemand in het A-orkest bij Pro Rege bugel wil spelen, moet hij nog lang wachten, want ik zit daar al”, lacht ze. “Dat is het mooie van de bugel. Toen ik achttien jaar was, kwam een plekje vrij. Dat de dirigent me die kans heeft gegeven, is het allermooiste wat me toen is overkomen.”
Honderd jaar Pro Rege
Volgend jaar, in 2024, bestaat brassband Pro Rege honderd jaar. Hoogtepunt van de festiviteiten wordt 11 mei, als de brassband op het podium van het Concertgebouw in Amsterdam staat. Pro Rege was in eerste instantie een fanfare. Sinds 1967 is het een brassband. In het begin met de pake van Douwe van der Glas als dirigent. “Intussen zijn we de vierde generatie”, zegt Hermanda niet zonder trots. “Eerst mijn pake, toen mijn vader, ik en ook mijn dochter Lianne speelt erbij. Mijn dochter speelt althoorn en zit naast me. Leuk dat je dat weer door kunt geven aan je kinderen. Zoon Erik is ook erg getalenteerd, maar helaas, het voetbal kreeg voorrang. Hij kon écht goed trombone spelen, hij heeft twee muziekdiploma’s, wie weet. Het kan altijd nog.”
“Die generaties, dat geldt voor mij eigenlijk ook”, zegt Douwe van der Glas. “Mijn pake, m’n vader, mijn broer, ik. Mijn zoon heeft het ook geprobeerd, maar daar is niet een groot talent aan verloren gegaan.” Aardig om te noemen is dat Douwe van der Glas zijn eerste muzieklessen kreeg van Jan de Haan, de vader van Hermanda.
Altijd weer een feestje
De voorbereidingen voor de 25e editie van de Night Of The Koemarkt zijn intussen in volle gang. Hermanda: “De repetities naar het evenement toe, op donderdag en vrijdag in Tjaarda, zijn al geweldig. Je repeteert dan met de artiesten en bandleden, wat al erg leuk is. De zaterdag zelf, op het podium, dat is altijd weer een feestje. Al dat publiek dat je daar ziet staan, geeft me een enorme kick. Voor veel mensen muziek maken is voor de meeste muzikanten ook de reden om muzikant te worden. Kijk naar de Rolling Stones, die treden nog steeds op en hoeven dat voor het geld al een halve eeuw niet meer te doen.”
Door: Richard de Jonge











