grootdefryskemarren

Face to Face: Sjoerd Brandsma

Misschien heb je al eens een opvallend mooie oldtimer van het merk Ford zien rijden in de regio De Fryske Marren? Grote kans dat Sjoerd Brandsma achter het stuur zat. Hij heeft er namelijk twee. Een blauwe Tudor sedan en een gele 400-A, ook wel Convertible sedan genoemd. Beide auto’s zijn van het bouwjaar 1931. “Wanneer we onderweg zijn met één van de Fords reageren mensen altijd op een positieve manier”, vertelt Sjoerd. “Dat maakt het toeren extra leuk. Ze doen hun duim omhoog, gaan uitgebreid zwaaien, maken een praatje of stellen een vraag. Ze genieten met ons mee.”

Afbeelding

Wanneer Sjoerd Brandsma begint te vertellen, kom je er al snel achter waar zijn liefde voor auto’s en techniek vandaan komt. Want als je als baby in de kinderwagen al temidden van de hopen auto-onderdelen wordt neergezet, is het niet vreemd dat je interesse hiervoor al op jonge leeftijd ontstaat. De mechanismes van auto’s, motorfietsen of camera’s, het heeft allemaal de belangstelling van Sjoerd. Maar boven alles staan de beide Fords. Hij weet er alles van, kan er uren aan sleutelen en toert er graag mee in de omgeving. 

 

Ford Tudor

“Mijn vader vierde vaak met zijn ouders vakantie in Denemarken”, zo begint Sjoerd zijn verhaal. “Daar werden deze Fords in de jaren zestig nog gewoon gebruikt als vervoermiddel. Mijn vader vond ze prachtig. In 1972, hij was toen achttien jaar, kocht hij er zelf een. Inmiddels heeft hij deze Ford Tudor aan mij overgedaan. Deze auto heb ik volledig gereviseerd. De Ford Tudor is een volwaardig lid van onze familie, dat kun je wel stellen. Hij heeft dienst gedaan als trouwauto voor mijn ouders, voor onszelf, voor mijn zus en ook voor andere familieleden en kennissen. We hebben samen al veel meegemaakt.”

 

Gele Ford A

“Onze gele Ford A is een zeldzaam model. Er bestaat een foto van de Vismarkt in Groningen, waar zo’n auto op staat. Het leek mij prachtig om die Ford eens in mijn bezit te hebben. Ik zag een prachtig exemplaar bij een veiling van de collectie van het Den Hartogh Ford Museum via Bonhams Veilinghuis. Op dat moment heb ik hem nog niet gekocht. Later heb ik deze auto via tussenpersonen aan kunnen schaffen. Hij was in ‘museumstaat’. Daar was het uiterlijk belangrijker dan de techniek. Ik heb vervolgens de motor volledig gereviseerd. De techniek is helemaal vernieuwd en we kunnen er nu goed mee uit rijden. Deze zeldzame auto heeft een vermelding in het officiële register. De beheerder van dit register, afkomstig uit de Verenigde Staten, heeft ons afgelopen zomer een bezoek gebracht. We hebben met hem en zijn vrouw een rit gemaakt door Zuidwesthoek van onze provincie. Ze waren diep onder de indruk. Ze genoten van de auto, maar ook van de prachtige kleine dorpen en stadjes en de natuur.”

 

Details moeten kloppen

Vóór Sjoerd ligt een dikke map op de tafel. Het is een soort bijbel voor de A Ford, waar alle onderdelen in staan, tot de kleinste boutjes aan toe. ‘Model A Ford, Restauration Guidlines & Judging Standards’ staat er op de voorkant. Terwijl hij er doorheen bladert vertelt Sjoerd: “Bij de restauratie ga ik heel precies te werk. Ik wil dat de details precies kloppen met hoe mijn auto in het jaar dat hij is geproduceerd in Amerika van de band is gerold. Hij moet weer precies zo worden. Kijk maar eens in deze map met codes en foto’s hoeveel verschillende variaties van onderdelen er zijn. Prachtig toch? Deze eerlijke degelijke techniek is zo mooi. Als je hier eenmaal door bent geraakt, kom je er nooit meer vanaf. Dat blijft je hele leven je grote passie.”

 

Betrouwbare techniek

“Het zijn hele betrouwbare auto’s zeg ik altijd”, vervolgt Sjoerd. “Natuurlijk er kan altijd iets kapot gaan maar ik raak nooit in paniek. Dat hoeft ook niet want alles is te repareren. Het is een degelijke eerlijke techniek, gemaakt voor de eeuwigheid. Dat is wel heel lang. Ja, dat weet ik. Maar alles is van staal, er is niets van plastic. Het is heel duurzaam en echt. Het moest destijds niet te duur, maar wel heel sterk zijn, zo vonden de Amerikanen. Als er van een auto iets kapot ging, moest de plaatselijke smid in ieder dorp dat kunnen repareren. En dat is nog steeds van toepassing. Wie begrijpt hoe de motor werkt, kan alles zelf repareren.”

 

Passie doorgeven

Nu Sjoerd zelf vader is, brengt hij op zijn beurt zijn passie over. In het gezin Brandsma groeien zijn kinderen Julius en Swaen en zijn vrouw Babette op met zijn grote hobby. Ze genieten mee. “Voor de kinderen is het rijden in een van de Fords altijd een groot feest”, volgens Sjoerd. “Ze hoeven geen gordel om, nemen kleden en knuffels mee en zijn altijd helemaal blij. Onderweg gaan we picknicken of pannenkoeken bakken. We maken er altijd een leuk uitstapje van. Voor ons zelf is het ook genieten. Misschien is het een vlucht? Een uitlaatklep? Ik weet het niet precies. Maar als je in zo’n auto rijdt, gaat alles langzamer. Je gaat terug in de tijd. Je zintuigen worden meer geprikkeld. Je bent je meer bewust van alles. Echt bewust. Weet je, in de huidige tijd vindt iedereen het maar normaal dat de tegenwoordige techniek bestaat en altijd werkt. Mensen zijn vergeten hoe het vroeger was en dat het best bijzonder is wat we nu allemaal kunnen en hebben. Ik hoop dat wij er in slagen om onze liefde voor de eerlijke techniek op onze beurt weer door te geven aan de jongere generatie.” 

 

Uit rijden

Maar wat graag delen de Brandsma’s één van hun favoriete autoroutes met de lezers van deze krant. Sjoerd Brandsma: “We rijden van Joure naar Sint Nicolaasga. Dan gaan we via Spannenburg, Tjerkgaast en Sloten naar Sondel. Vervolgens gaan we door via Nije- en Oudemirdum naar It Reaklif. We rijden dan een stukje zonder dijk langs het water naar het haventje van Laaksum. In Stavoren vinden we het leuk om een visje te eten. We rijden ook geregeld naar Hindeloopen. Terug gaan we vaak via Oudega, Elahuizen, Woudsend en Sneek of via Bolsward. We zijn op deze manier een heerlijk dagje uit. Net als vroeger. Natuurlijk is het helemaal fantastisch bij mooi weer, maar ook in de winter gaan we wel uit rijden. We hebben geen kachel in de auto, dus de winterjassen moeten dan wel aan. Het is altijd weer een avontuur.”

 

Voor dit voorjaar hebben de Brandsma’s een nieuwe uitdaging. “Ik heb een trekhaak gekocht en onder de Tudor gezet”, lacht Sjoerd. “Nu hebben we een bagagekarretje aangeschaft, zodat we kunnen gaan kamperen. Misschien gaan we zo in de meivakantie lekker naar Duitsland. Geweldig, toch? We verheugen ons er nu al op.”

 

Een hobby voor altijd

“Ik heb een hele mooie hobby, die al heel lang bestaat”, zegt Sjoerd tot slot. “Ga maar na. De A Ford Club in Nederland bestaat al sinds 1956. In dat jaar was de A Ford al 25 jaar uit productie. Maar nog altijd zijn er heel veel mensen met een grote belangstelling voor de deze auto’s. Dat blijft. Al is het wel belangrijk dat er verjonging in de club komt. Voor wat mijzelf betreft, ik verveel mij nooit. Als collega’s met pensioen gaan en ik ze hoor zeggen dat ze hopen dat ze niet in een gat vallen, dan weet ik: dat zal mij nooit gebeuren.”