Column Eelke Lok: Arbeidsmigranten
Die heten tegenwoordig arbeidsmigrant. De Alkmaarder had het over Polen en zo. Hij nodigde wat omwonenden uit en wees op tekeningetjes. Kijk, dan krijg je daar een douche en daar… Dat interesseerde die omwonenden helemaal niet. Die wilden weten hoe laat die Polen de jukebox uitzetten en of ze die Poolhonden ook in de omwonende tuinen laten schijten.

De gemeente, die bij hotelplannen al meepraat als de tekeningen nog gemaakt moeten worden, stond nu afzijdig aan de kant. Ach, wethouder Jaap van der Veen vond natuurlijk ook wel dat Nederland arbeidsmigranten nodig heeft, maar hij wilde er met de omwonenden nog wel eens een keertje over praten. Een keertje? Wat is dat voor uitstelgedrag.
Zulke jongens als wethouders, die verkeren in hoge kringen. Die weten veel meer dan wij weten. Twee dagen later hoorden wij het pas. Rob Jetten van het landelijke D66 smeet ineens de arbeidsmigrant in de discussie. Niet dat hij als aankomend politicus alle getallen helemaal goed wist, maar ook als hij gezegd dat we heel veel mensen nodig hebben om voor ons te gaan werken, dan had iedereen het geloofd. Wij zijn immers van de generatie “Elke Nederlander yn de WW en nim in Turk foar it wurk” (Rients Gratama). Toen ging het om het schoonmaken van treinstellen, nu over het bollen- en aardappels rooien, achttien uur per dag vrachtautootje rijden en het schoonmaken van de ziekenhuisbedden.
Politiek is altijd goed gepland. ’s Morgens riep Jetten wat, ‘s avonds zat het al heel breed in het verkiezingsdebat op televisie. En is het vechten. De gemeente Heerenveen gaat dat rustig afwachten. Zegt nu dat “een keertje” misschien mei/juni is, maar ze zijn ook volledig bereid om dat pas na de vakanties te doen. Alles wat op landelijk niveau uitgevochten wordt, daar moet je je als gemeente namelijk niet aan branden.
Eelke Lok









