Olympisch schaatsster Anice Das: “Ik volg mijn gevoel”
HEERENVEEN - Na een schaatscarrière van vijftien jaar hing olympisch schaatsster Anice Das afgelopen maart haar schaatsen aan de wilgen.

GrootHeerenveen blikt met de sprintster terug op hoogte- en dieptepunten. En kijkt met haar vooruit. Wordt het een baan in de pedagogiek? Gaat ze bij de recherche? Of toch presenteren op de radio.
Al skeelerend, vanaf haar appartement in de Lenna-flat in Wolvega langs de Tjonger, richting Noordwolde, beantwoordt een vrolijke Anice Das alle vragen die ik haar namens GrootHeerenveen stel. Nadat ze in maart is gestopt met schaatsen is ze nu bewust aan het aftrainen.
Geen stopplannen
“Was je van plan om dit jaar te stoppen?”, is mijn eerste vraag aan Anice. “Helemaal niet!” luidt het antwoord. “Maar ik wist eigenlijk wel dat dit zomaar eens het laatste jaar zou kunnen zijn. Ik kon niet meer aan de bak bij een grote ploeg. Ik had geen team en dus ook geen hulp van een coach. Het is moeilijk om het alleen te doen. Zo red je het niet om aan de internationale top mee te doen”.
Als schaatsster bij Team Afterpay plaatste Anice Das zich in 2018 voor deelname aan de Olympische Spelen in Pyeongchang. “Dat was heel gaaf!” Maar na de Spelen hield Team Afterpay op te bestaan en het was nog onbekend waar Das zou gaan schaatsen.
“Na de Olympische Spelen besloot ik met mijn tweelingzus, na jaren plannen maken, dan eindelijk naar India te gaan, ons geboorteland.” Anice en haar zus Savida zijn geboren in de Indiase miljoenenstad Bombay en werden al jong geadopteerd door haar Nederlandse ouders. “Wij hebben helaas geen gegevens van onze biologische ouders, dus we wisten al dat we ze niet zouden ontmoeten. Het was onze eerste keer terug in India, na onze adoptie. Het was een mooie reis, maar ook emotioneel. Ik moest echt bijkomen van ons bezoek aan India en van de ervaring van de Olympische Spelen.”
Vlak daarna kreeg Anice een mooie kans om met het sprintteam van Noorwegen te schaatsen onder leiding van trainer Jeremy Wotherspoon. “Maar eigenlijk was dat jaar teleurstellend”, blikt ze terug. “Het trainingsschema werkte ook niet echt bij mij en mijn relatie verliep moeizaam. Ik plaatse mij in november 2018 niet voor de eerste World Cups van dat seizoen. Dat was een teleurstelling. Ik wilde mijn schaatscarrière op een mooie manier afsluiten, niet zo!”
Volledige aandacht op het schaatsen
In het afgelopen schaatsseizoen zette Anice met haar doorzettingsvermogen en positiviteit nog eenmaal alles op alles en deed dat op haar eigen manier. “Al jaren had ik ideeën over hoe ik mijn trainigsschema kon aanpassen om mijn prestaties te verbeteren.” Tijdens het NK Sprint in januari 2020 schaatste ze maar liefst tweemaal een Thialf-PR op de 1.000 meter. “Ik wilde heel graag in de 1,15 rijden en dat is gelukt. Ik heb mijzelf verbeterd, meer kan ik niet doen”, zegt Anice trots. “De rest van het seizoen was mijn volledige aandacht gericht op het schaatsen, niet op stoppen. Maar na mijn laatste wedstrijd op 11 maart, tijdens De Zilveren Bal, voelde ik: het is wel goed zo.”
Schaatscarrière in vogelvlucht
Anice groeide met haar ouders en tweelingzus Savida gelukkig op in Amersfoort en in Assen. Hier genoot ze samen met Savida van lange schaatstochten op natuurijs, over bevroren kanalen richting Smilde en Oranje. “We waren dik aangekleed en schaatsten wel zestig kilometer. Dat was heel gaaf.” Op schaatsclub Assen en tijdens het schoolschaatsen beleefde ze voornamelijk veel plezier. Pas later kwam het talent voor schaatsen bij Anice bovendrijven. Anice won clubwedstrijden en kwam in de Drentse selectie.
Toen het gezin Das op haar 18e naar Heerenveen verhuisde, schaatste Anice verder bij Gewest Fryslân. Ze beleefde haar doorbraak op het NK Sprint in 2009 waar zij zesde werd. In 2011 schaatste Anice voor Team Liga. Daarna trainde ze een jaar bij Team Anker. In 2013 werd ze bijgestaan door de Australische coach Desly Hill. Tussen 2014 en 2018 schaatste ze voor Team Afterpay waar ze de beste resultaten uit haar carrière tot dan toe behaalde.
Anice Das won een bronzen medaille bij de Nederlandse afstandskampioenschappen op de 500 meter en zilver bij het Nederlands kampioenschap sprint. Ze schaatste wereldbekerwedstrijden, wereldkampioenschap afstanden, wereldkampioenschap sprint en als hoogtepunt de Olympische Spelen in Pyeongchang in 2018. “Aan mijn trainer Dennis van der Gun en mijn teamgenoten bij Team Afterpay heb ik veel gehad. Met hen deel je lief en leed. De band die je opbouwt is heel speciaal. Met de meiden ben ik nog steeds erg goed bevriend. Daarnaast kon ik met mijn sportpsycholoog alles bespreken.”
Wat is de wijste les die Dennis van der Gun jou heeft geleerd?, wil ik weten. “Naar mijn gevoel luisteren”, is het antwoord van Anice.
Hoogte- en dieptepunten
Terugblikkend is het winnen van de 500 meter tijdens het olympisch kwalificatietoernooi in december 2017 met stip haar hoogtepunt. “Hierdoor plaatste ik me voor Olympische Spelen. Die blijdschap was nog groter dan het rijden bij de Olympische Spelen zelf.” Ook denkt ze aan de eerste keer dat ze zich plaatste voor de World Cups vanuit Gewest Fryslân. Of aan het rijden van een persoonlijk record op de 1000 meter in januari 2016, na bijna twee jaar gezondheidsproblemen met haar schildklier en een zware knieblessure. “Eigenlijk was de eerste keer dat ik in de top vijf reed ook heel mooi. Dan kom je steeds dichterbij de top. En het schaatsen zelf; het beheersen van de techniek en voelen dat je hierdoor snelheid ontwikkelt. Als je dan een bocht houdt en heel hard het rechte eind op komt, is dat heel gaaf.
Anice Das beleefde ook moeilijke momenten. In 2014 kreeg ze problemen met haar schildklier en gelijk daarna een zware knieblessure. “Het was niet duidelijk of ik kon herstellen van de knieblessure. In totaal heeft het bijna twee jaar geduurd voor ik dit te boven was.” In februari 2017 bij het WK Sprint in Calgary werd ze ziek. Hierdoor viel een goede prestatie in het water. “Op één van de mooiste toernooien op een hele snelle ijsbaan. Dat vond ik heel, heel erg jammer. En afgelopen seizoen wist ik mij niet te plaatsen voor het WK Sprint in Hamar. Daar had ik het allerliefst gestaan. Hamar heeft een speciaal plekje in mijn hart, omdat ik daar als kind vaak geweest ben tijdens onze zomervakanties in Noorwegen. Daarnaast vind ik het rijden van een sprinttoernooi het mooiste wat er is.”
“Ik wil weten hoe ze is, hoe ze lacht, hoe ze praat”
De band met haar tweelingzus Savida is kostbaar. “Dat wij ooit samen zijn weggehaald bij onze biologische moeder is toch een soort trauma. Mijn zus en ik zullen er altijd zijn voor de mensen die wij liefhebben en misschien gaan we daar wel verder in dan normaal is. En wij zijn er altijd voor elkaar. Zo was ik bijvoorbeeld anderhalve dag voor het NK Afstanden bij de geboorte van haar tweede kindje. Sommigen vonden dit niet verstandig, maar ik heb er meer last van als ik daar niet ben.”
Ik vraag Anice hoe ze over haar biologische moeder in India denkt... “Ik mis haar en wil weten hoe ze is, hoe ze eruit ziet, hoe ze lacht, hoe ze ruikt, hoe ze beweegt, hoe ze praat”, zegt ze. “Als we haar nooit vinden of als ze al overleden blijkt te zijn als we wel aanknopingspunten hebben, hoop ik dat er een foto is zodat ik in ieder geval weet hoe ze eruit ziet.”
Afspreken op een terras
Ideeën voor de toekomst heeft Anice zeker. “Met vriendinnen afspreken op een terras is nu mijn droom!”, roept ze direct uit. “Een normaal leven eigenlijk. Het is gek, maar je perspectief verandert in coronatijd. Verder ben ik mij aan het oriënteren. Ik kan aan slag als pedagoog. De politieacademie lijkt me ook heel mooi, recherche of politiekundige. Hier komt veel pedagogiek bij kijken; je wordt gevormd door wat je hebt meegemaakt. Maar het kan van alles zijn want ik vind veel dingen leuk.
Het lijkt me ontzettend leuk om op de radio te presenteren. Verder zou ik het mooi vinden om iets in het schaatsen te gaan doen. De toekomst zal uitwijzen wat voor carrière ik tegemoet ga, maar ik ben ervan overtuigd dat er iets moois op mijn pad komt”.
Door: Renske Osenga













