Algemeen

Peter de Vries: ‘Ik bin in ut frituurfet geboaren!’

SNEEK- Op en top Sneker Peter de Vries (1972) zegt het met een brede lach van oor tot oor: “Ik bin in ut frituurfet geboaren an de Jousterkade!” Zijn vrouw Claudia die gezellig naast ons zit tijdens het interview, knikt instemmend en zegt “klopt”. Het is tekenend voor de ontspannen sfeer die er in de super schone keuken van het horeca catering bedrijf aan de Alexanderstraat in Sneek hangt. Daar is het waar we het Face to Face gesprek houden. Uiteraard zullen we het over Peter z’n grote passie hebben, de horeca en alles er om heen, maar dit gaat geen reclameverhaal worden. ‘Wie is Peter de Vries’, is de kernvraag en het antwoord volgt hieronder.

Foto Laura Keizer
Foto Laura Keizer

‘Is Peter jouw volledige naam, of waren er ook nog andere doopnamen toen jij op de wereld kwam’, is de startvraag aan de hoofdpersoon van dit verhaal.  De Vries antwoordt: “Nee, Peter. Niks meer niks minder. Oh ja, ‘Goudklompje’. Maar die naam was van moeder! En of ik een ‘goudklompje’ was?  ‘Nee je’, ik was gewoon de laatste van de zeven kinderen die binnenkwam: Ane, Reina, Yske, Gea, Willem en Johan gingen mij voor. Ik ben geboren boven de snackbar van mijn ouders aan de Jousterkade. Obelix is in een pot met toverdrank gevallen en ik dus met ‘myn harses in ’e frituurfet!’ Het was op 29 januari 1972, op een zaterdag.”

Koningin Wilhelminaschool in het Sperkhem

“Het was een liefdevol hardwerkend gezin, echte arbeiders”, vertelt Peter als hij het gezin waarin hij groot werd omschrijft. “We hadden veel voor elkaar over, we deden het allemaal samen. Ik was net als mijn vader wel een klein beetje een moraalridder. Ik ben zo verschrikkelijk dankbaar voor elke dag die wij mogen pakken. Als iedereen dat nu eens deed, in plaats van bang voor elkaar te zijn. Zeg eens een keertje ‘dankjewel’ of ‘goedemiddag’. Dat is toch niet zo moeilijk? We doen het niet alleen. Die levensvisie heeft wel met je opvoeding te maken denk ik. Heeft ook niets met religie of zo te maken, het is een manier van leven. Mijn moeder kwam dacht ik van Rooms Katholieke huize en van mijn vaders kant waren er nogal wat Apostolischen. Ik ben wel naar de Koningin Wilhelminaschool in het Sperkhem gegaan. De School met de Bijbel en niet de school met de heibel. In de buurt was je echt met elkaar. Het woord samen hoort bij het Sperkhem.”

Er werd bij ons thuis niet stil gezeten

“Na de Koningin Wilhelminaschool ben ik meteen naar de Bakkerij en Horecavakschool in Leeuwarden gegaan. Gewoon mijn passie volgen. Koken, bakken en met eten bezig zijn. Vanaf jongs af aan wil ik blije gezichten maken. Hoe mooi is het niet dat je een product mag maken en een klant zegt ‘dankjewel we hebben genoten’. Dan is het voor mij klaar. Onbetaalbaar. Ik ben thuis begonnen met het verkopen van ijsjes, slaatjes maken, samen met Yske. Er zat tussen mij en mijn oudste broer trouwens 16 jaar verschil. Ik werkte bij mijn broers en vader. Van hen heb ik ook veel geleerd. Om het maar eens voorzichtig te zeggen: Er werd bij ons thuis niet stil gezeten! Maar het ontbrak mij aan niets, in het normale. Het voordeel van de jongste zijn is dat je kunt leren van de fouten die je broers en zusters al gemaakt hadden. Ik was wel een rustig ‘jonkje’ dat graag buiten speelde.”

Mooie jeugd

“Zoals ik al zei het ontbrak mij aan niets. We waren ook veel op en rond het water. Vraag niet hoe hij het regelde maar ik kreeg een surfplank van mijn ‘ouwe’. Het was midden jaren ’80 en surfen was in. Mijn vader had een IJsselaak die omgebouwd werd tot een bewoonbaar ‘skipke’. En of we nu met 5, 10 of 12 man waren, er was altijd ruimte. De banken zaten vol met eten, bootje achter het schip aan, hengels en fietsen mee. ‘Fut!’ We lagen ‘op’e Brekken’, in de buurt van de oude afvalbult. Nog geen 1000 meter van huis, maar wat hebben we daar een plezier gehad.

Claudia: Liefde op het eerste gezicht

“Claudia kwam bij mij in de snackbar, voor ijsjes. Maar op het laatst kwam ze voor zoveel ijsjes, dat ik wel in de gaten kreeg dat het niet alleen om de ijsjes ging. We leerden elkaar steeds beter kennen, maar het was wel liefde op het eerste gezicht. ‘En su binne we al 306 jaar bij mekaar’. Wij voelen elkaar feilloos aan, we begrijpen elkaar. Wij zijn ‘soulmates’. ‘Ja, su noëme se dat tòch’? We zijn in 1997 getrouwd. We hebben twee prachtige meiden gekregen, Ashley en Kaylee. Twee toppers. Ashley studeert in Groningen social work en de jongste wil die kant ook op . Ze volgt nu nog de opleiding voor pedagogisch medewerker in Leeuwarden. Ik ben de rijkste man van de hele wereld. Ik zie mij zelf als een open vader, de kinderen kunnen altijd naar ons toekomen als er iets is. Maar als er fijne dingen zijn dan hebben we daar ook mooie gesprekken over. Ik vind het verschrikkelijk interessant om te zien hoe de jeugd in bepaalde dingen staat.”

Werkplezier

“Als ik naar de winkel toeloop heb ik alles op orde. Zaterdags als de klanten bij mij komen dan heb ik tijd voor hen. Aandacht aan mensen geven, dat vind ik fijn om te doen. Als iemand met ‘un moaie smile de hut út gaat’, daar geniet ik van. Als ze mijn 06 nummer willen, dan geef ik dat. Kunnen ze thuis ook nog vragen stellen. ‘Wij binne gyn Jumbo of Appie Heijn, dit is nòch de lekker ouwerwetse winkel su as ik froeger ok nòch kend hew en graach mocht siën’. In mijn hart ben ik ook gewoon kok die z’n slagerspapieren heeft. Ik kan goed snijden en ‘ferrotte goëd koke’, maar ik wil het allround hebben. Niet alleen het vlees is belangrijk, maar ook de juiste kruiden. Wat wil een klant, welke kant wil hij of zij op. Als ik echt geld verdienen wil, moet ik iets anders gaan doen. Maar wat ik nu doe is het mooiste wat er is.”

VIP begeleider

“Tussen 1991 en 1996 ben ik militair geweest, bij de luchtmacht in Duitsland. Begonnen als kok en geëindigd als VIP-begeleider van gasten en hoger geplaatsten . ‘Ik ken met alle rangen en standen je’.  Na mijn dienstperiode ben ik verder gegaan in de beveiliging. Ik heb mijn persoonsbeveiliging / VIP chauffeur-papieren gehaald en mocht ik mij gespecialiseerd persoonsbeveiliger noemen. Bij en voor wie? Daar praat een beveiliger niet over. Maar ik ken bepaalde families in Nederland goed.”

Overlijden en ziekte

“Claudia en ik zijn met de zaak zoals die nu is, vijf jaar geleden begonnen. Sinds 4 juli 2016, de Onafhankelijkheidsdag, hebben wij een eigen onderneming. Anne, mijn oudste broer is in 1986 met zijn vrouw Hieke gestart. Hij was mijn maat, mijn mentor. We werkten dag en nacht samen. Samen met Anne, Willem en Johan ben ik altijd in de slagerijwereld bezig geweest. De broers veel in de slagerij en ik heb de catering erbij gepakt. Helaas is Anne in 2015 overleden, een drama. In diezelfde tijd overleed ook mijn grote zus Reina. Een vreeslijk nare periode. Anne had voor zijn overlijden al geregeld dat Horeca-Slagerij De Vries overging naar Actifood, een grote horeca toeleveringsgrossier. Horeca- Slagerij De Vries is nu een merknaam geworden. Bij die verkoop zat alle personeel en het pand, behalve ik. Ik kwakkelde toen ook met mijn gezondheid. Vergroeide poliepen in mijn hoofd, goed ziek van geweest. Dertien operaties in tien jaar tijd, begonnen in 2004 en 2005. In 2012 en 2013 kwam het allemaal snel terug.  Zoiets vormt je wel als mens.”

Sneek

“Ik bin un rasechte Sneker, mar wel un global-Sneker. Sneek is altyd de thúsbasis. Ik fyn fakaansy moai, mar ik bin blij at ik wear thús bin. Claudia is nòch erger, dy mut de Waterpoort rúke kenne. Ik bin gek op’e stad Sneek, op de minsen en hun mentaliteit. De saamhorechheid!”

Henk van der Veer